• Beeldvorming (o.a echo en röntgen)
  • Bijtwonden
  • Bloeddruk
  • Bloedonderzoek

Beeldvorming (o.a echo en röntgen)

Beeldvorming

Er bestaan verschillende technieken waarmee artsen en dierenartsen zich een beeld kunnen vormen van het inwendige van hun patiënten. De meest bekende zijn de röntgenfoto en de echo. Afhankelijk van de verwachte afwijking zullen we kiezen voor een van de beide technieken. Wij kunnen in de eigen kliniek toepassen:

1 - Röntgenologie

2 - Echografie

Overig (video-otoscopie en laparoscopie)

Twee andere mogelijkheden van beeldvorming die bij Dierenkliniek Duurstede mogelijk zijn, zijn de video-otoscopie en de laparoscopie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van optieken (kijkinstrumenten) om het inwendige van het lichaam te kunnen bekijken. Bovendien kunnen we gebruik maken van werkinstrumenten om bijvoorbeeld eierstokjes te verwijderen bij de laparoscopie of om een grasaartje uit het diepste deel van de gehoorgang te verwijderen.

Nog twee andere mogelijkheden voor beeldvorming: CT en MRI zijn inmiddels ook voor dieren beschikbaar. Enkele specialistische centra beschikken inmiddels over één van deze of beide mogelijkheden van beeldvoming.

CT (Computer Tomografie) is gebaseerd op hetzelfde principe als de röntgenfoto. Maar nu wordt er als het ware een doorlopend beeld wordt gemaakt van allemaal kleine plakjes. In de computer kan dan een reconstructie van al die beelden worden gemaakt, waardoor van veel meer kanten en veel gedetailleerder het beeld beoordeeld kan worden dan met een gewone röntgenfoto.

MRI (Magnetic Resonance Imaging) is een techniek waarbij met behulp van een magneet gedetailleerde plaatjes gemaakt kunnen worden van verschillende delen van het lichaam. Hiermee kunnen soms afwijkingen worden vastgesteld, die op een andere manier niet in beeld te brengen zijn. Ook hierbij wordt het uiteindelijke beeld in de computer gevormd. Een voordeel ten opzichte van de CT is dat er geen gebruik gemaakt wordt van gevaarlijke straling.

Met zowel CT als MRI is het mogelijk een gedetailleerd beeld te krijgen van gebieden die met röntgenfoto en echo niet te beoordelen zijn, zoals de hersenen en het ruggenmerg. In allerlei andere weefsels kan ook een beter onderscheid gemaakt worden tussen een normale en een afwijkende structuur en de locatie en omvang van afwijkingen.
Uiteraard wordt er met kostbare apparatuur gewerkt en de kosten van een onderzoek liggen al gauw rond de 700 euro. Zolang we voldoende hebben aan een röntgenfoto of een echo zullen we dan ook proberen met deze mogelijkheden een diagnose te stellen.

Een minder gebruikte vorm van beeldvorming is de Scintigrafie. Hierbij wordt een radio-actief middel ingespoten en vervolgens wordt er enige tijd later een opname gemaakt om te zien waar het radio-actieve middel zich heeft opgehoopt. Deze vorm van onderzoek wordt gebruikt voor schildklieronderzoek of voor het opsporen van botaandoeningen. Scintigrafie bij dieren wordt in Nederland slechts in enkele zeer gespecialiseerde centra uitgevoerd.

 

Bijtwonden

Bijtwonden

Bijtwonden vormen uitstekende voedingsbodems voor bacteriën; de kans op een wondinfectie is groot. Een groot deel van de bijtwondinfecties is te voorkomen door een goede wondbehandeling. Wonden moeten altijd meteen goed worden uitgespoeld met veel water. Oppervlakkige wonden worden daarna gedesinfecteerd met betadine. Diepere wonden moeten uitgebreider worden schoongemaakt, gevolgd door het aanbrengen van een nat verband en het geven van rust. Afhankelijk van de omstandigheden kan het gebruik van antibiotica nodig zijn. Vooral bij wonden aan handen of gezicht, of bij wonden die bij de behandeling al langer dan acht uur bestaan, of als er sprake is van risicoverhogende factoren bij de patiënt. Bij bijtwonden waarbij er al verschijnselen van wondinfectie zijn (pijn, roodheid, zwelling) is altijd een antibioticumbehandeling nodig. Vraag dus zonodig advies aan uw huisarts en informeer dan tevens naar de noodzaak van een tetanusinjectie.

Bovenstaande adviezen betreffen bijtwonden bij mensen. Als een hond of een kat zelf gebeten is geldt in grote lijnen hetzelfde. Bij een wat diepere wond is vaak behandeling met antibiotica nodig. Een tetanus injectie is echter bij bijtwonden van de huisdieren onderling niet nodig.

01-05-2016

Bloeddruk

Bloeddruk

Hoge bloeddruk bij katten

Evenals bij mensen komt bij katten, vooral op een leeftijd vanaf tien jaar, vaak een verhoogde bloeddruk voor. Ook bij katten is dit zeer schadelijk voor de gezondheid. Daarom is een tijdige opsporing van verhoogde bloeddruk belangrijk om schade te voorkomen. In eerste instantie wordt dit niet opgemerkt: de kat gedraagt zich volkomen normaal en heeft een normale eetlust. Pas als de schade op gaat treden kunnen er ziekteverschijnselen zichtbaar worden, zoals neusbloedingen, bloedingen in de ogen resulterend in blindheid, bloedingen in hersenen en ruggemerg met als gevolg zeer uiteenlopende verschijnselen als verlammingen, dementie-achtig gedrag, epilepsie-aanvallen en dergelijke. Ook de hartspier zelf verandert als gevolg van hoge bloeddruk: de spierwand wordt dikker en de hartkleppen gaan lekken met als gevolg verminderd uithoudingsvermogen, kortademigheid resulterend in ernstige benauwdheid en sterfte. Soms ontstaan er bloedproppen die vast kunnen lopen, bijvoorbeeld achter in de aorta (de grote lichaamsslagader), in de longen of in een bloedvat naar een voorpoot.  De nieren zijn er het meest gevoelig voor. Geleidelijk zal het nierweefsel afsterven en vervangen worden door bindweefsel.  In eerste instantie verloopt dit onopgemerkt, omdat de nieren een grote reservecapaciteit hebben, maar als 85% van het nierweefsel is verdwenen, begint de kat ziek te worden: sloomheid, slechte eetlust, braakklachten en vermagering treden op en uiteindelijk zal de kat aan zelfvergiftiging overlijden.

Als er ziekteverschijnselen ten gevolge van verhoogde bloeddruk manifest worden, is de prognose in het algemeen gereserveerd tot slecht.  Het is dus belangrijk om verhoogde bloeddruk al in een vroegtijdig stadium te signaleren. Daarom is het verstandig om bij katten vanaf de leeftijd van acht tot tien jaar jaarlijks de bloeddruk te laten controleren. Dat kan bijvoorbeeld gelijktijdig met de jaarlijkse vaccinatie, maar dat dient wel op afspraak te gebeuren (dus niet tijdens het inloopspreekuur).

Een alternatief voor de bloeddrukmeting is een jaarlijks urine-onderzoek. Immers zodra er verhoogde bloeddruk optreedt, zullen er al beschadigingen aan de nieren op gaan treden die door middel van urine-onderzoek al vroegtijdig kunnen worden opgespoord. Omdat gezonde nieren een overcapaciteit hebben van ongeveer 85 % zal de kat, mits tijdig gesignaleerd, geen merkbare last ondervinden van de iets verminderde niercapaciteit. Op het moment dat wij een verhoogde bloeddruk vaststellen, zullen we in eerste instantie de oorzaak proberen op te sporen. Tegelijkertijd zullen we medicatie gaan geven om de bloeddruk weer te normaliseren. Soms is het niet mogelijk om de oorzaak vast te stellen. Bovendien is het vaak lastig om oorzaak en gevolg van elkaar te onderscheiden. Maar bij tijdige behandeling kan uw kat een langere levensduur met een sterk verbeterde levenskwaliteit tegemoet zien dan zonder behandeling. Ons advies luidt dus: laat jaarlijks bij uw kat vanaf de leeftijd van acht tot tien jaar de bloeddruk controleren en/of een urinemonster checken!

De meting van de bloeddruk is bij de kat in feite eenvoudig en niet belastend voor het dier. Om het voorpootje wordt een opblaasbaar bandje (cuff) gelegd en bij het voetje een sensor die de “pols” waarneemt. Door de cuff op te blazen en tijdens het langzaam leeglopen ervan de druk te bepalen waarbij de hartslag weer waarneembaar wordt, kan de bloeddruk worden gemeten. Het belangrijkste probleem hierbij is dat angst en spanning de bloeddruk snel omhoog doen gaan. Voor de meting bij de kat is het dan ook nodig een afspraak te maken voor een tijdstip, waarop we even de tijd kunnen nemen een kat gerust te stellen. Meestal zal daarbij de aanwezigheid van de eigenaar gewenst zijn.

Net als bij mensen zijn er verschillende medicijnen waarmee de bloeddruk kan worden beïnvloed. Mede afhankelijk van de oorzaak zal dan ook een behandeling worden ingesteld.

01-05-2016

Bloedonderzoek

Klinisch – chemisch bloedonderzoek

Bloedonderzoek is in veel gevallen een onmisbare mogelijkheid om de juiste diagnose te stellen en het effect van onze behandeling te controleren. Bloedonderzoek wordt uitgevoerd om ziekten bij de patiënt aan te tonen of juist uit te sluiten.

Bijna dagelijks wordt er bij ons bloed onderzocht. We hebben in onze praktijk de Catalyst one bloedanalyse-apparatuur zodat de eigenaar meestal kan wachten op de uitslag. Terwijl zij een kopje koffie in de wachtruimte kunnen nuttigen, zetten wij het bloed in en binnen korte tijd hebben we de uitslag binnen, zodat een behandeling direct kan worden gestart.

De betrouwbaarheid van de uitslagen is groot. Wij doen dat met de Catalyst one. Dit bloedanalyse apparaat meet de chemische waarden in het bloed. Deze vertellen ons meer over de orgaanfuncties van uw huisdier. Zo kunnen we u onder andere vertellen of uw huisdier een lever- of nierafwijking heeft of dat hij of zij suikerziekte heeft, aan een schildklierprobleem lijdt of mineralen tekort heeft.

Met de Catalyst one kan onder andere het volgende onderzocht worden:

  • Nierwaarden: Creatinine, Ureum, Anorganisch fosfaat
  • Leverwaarden: ALAT, GGT, AF, totaal Bilirubine, Galzuren
  • Enzymen: P-AM (Amylase), Lipase
  • Suiker: Glucose, Frucotosamine
  • Totaal eiwit en Albumine/ Globuline
  • Calcium, Natrium, Kalium
  • CK
  • CRP
  • Progesteron

Progesteronbepaling

Om het juiste tijdstip van dekking te bepalen bij honden kunnen wij een progesterontest doen met de Catalyst one. De optimale dag van dekking is bij iedere teef anders. Met de Progesterontest kan worden bepaald wanneer het progesteron in het bloed verhoogd is. Afhankelijk van de uitslag kunnen we adviseren om de teef te laten dekken of om de test na 2-3 dagen te herhalen.

Hematocriet centrifuge

Dit is een centrifuge waarmee een zeer kleine hoeveelheid bloed in een dun buisje afgedraaid kan worden. Vervolgens kan aan de hand van een afleesgrafiek de verhouding tussen bloedcellen en bloedvloeistof worden bepaald. Zo kan de ernst van een eventuele bloedarmoede of bloedindikking worden vastgesteld.

Snaptesten

Dit zijn sneltesten die op de praktijk kunnen worden gebruikt voor het testen op de volgende aandoeningen:

  • FeLV/FIV
    Dit is een test dat het Feline Leukemie Virus en antistoffen voor Feline Immunodeficiëntie Virus in het bloed aantoont. De uitslag van de FeLV/FIV test wordt op verzoek officieel gedocumenteerd en dient zo als bewijs voor deelname van het dier aan de fokkerij.
  • Giardia
    Dit is een snelle analyse test om het Giardia antigeen in honden en katten op te sporen in ontlasting.
  • Parvo
    Dit is een test dat het Parvovirus aantoont in de ontlasting van hond of kat. Bij katten toont de test het Parvovirus aan dat de Kattenziekte veroorzaakt.
  • Pancreatitis
    Deze test wordt gebruikt voor het diagnosticeren van alvleesklierontsteking bij de kat.

Glucose meter

Deze meet snel het bloedsuikergehalte in het bloed. Dit wordt gebruikt bij de controle van suikerpatiënten.

Microscoop

Ook beschikken we over een microscoop en hiermee bekijken we o.a. bloeduitstrijkjes. Dan zoeken we naar afwijkingen in het bloed (zoals de vorm van de cellen, de kleur van de cellen, de uniformiteit van de cellen, de verschuiving van het aantallen witte bloedcellen) en naar bloedparasieten. Een microscopisch onderzoek helpt veel in het stellen van de juiste diagnose.

Extern laboratorium

In sommige gevallen is het nodig om bloed door een extern laboratorium te laten onderzoeken. De monsters worden ’s avonds door een ophaaldienst opgehaald en de uitslag hebben we meestal de volgende dag per e-mail.