Vaccineren of titeren?

Vaccineren of titeren?

De laatste jaren neemt de belangstelling, onder invloed van informatie die op de sociale media zijn verschenen, voor titeren toe.

Wat is titeren?
Onder titeren wordt verstaan een bloedonderzoek waarbij de hoeveelheid afweerstoffen tegen een bepaalde ziekte wordt vastgesteld, met de bedoeling dat gekeken wordt of op dat moment een vaccinatie noodzakelijk is of juist opgeschort kan worden.

Voor een aantal ziekten is dat inderdaad goed mogelijk: Kattenziekte bij katten en hondenziekte, besmettelijke leverontsteking en Parvovirose bij honden. Titeren is helaas zinloos voor Leptospirose (hond) en voor Niesziekte (kat). De gedachte om te titeren in plaats van te vaccineren wordt ingegeven door de gedachte dat het toedienen van vaccins onnatuurlijk is en dat dat ongewenste effecten op de gezondheid van het dier zou kunnen hebben. Bovendien is bekend dat sommige dieren veel langer beschermd blijven na vaccinatie dan de 3 jaar die de fabrikant aangeeft. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat de kans op ongewenste neveneffecten van vaccinaties beneden de 1 % is en dat de kans op (zeer) ernstige bijwerkingen nog veel kleiner is. De meest genoemde bijwerkingen zijn pijn en zwelling op de injectieplaats en algemeen ziek zijn gedurende ongeveer 1 etmaal.

Wanneer heeft het zin om een huisdier te titeren?
Pups en kittens worden meestal geboren met een behoorlijke hoeveelheid afweerstoffen die ze via de placenta tijdens de dracht van de moeder hebben meegekregen. Bovendien krijgen ze afweerstoffen met de biest (de eerstedags melk). Deze zogenaamde maternale antistoffen verdwijnen in de loop van enkele weken of maanden. Ze interfereren met de door de dierenarts toegediende vaccins waardoor het effect van de vaccinaties niet 100 % betrouwbaar is. Daarom kan het zinvol zijn om minimaal 2 weken na de laatste vaccinatie door middel van titeren te controleren of de pup of kitten voldoende bescherming heeft gekregen voor het eerste levensjaar. Er is in dit geval sprake van titeren in aanvulling op en ter controle van een vaccinatieprogramma. Deze controle is ook zinvol bij dieren met een onbekende of onbetrouwbare vaccinatiestatus, zoals dieren die zijn geïmporteerd.

Waar ook veel belangstelling voor is, is het titeren als alternatief voor een vaccinatie. Dat kan voor het eerst op 1-jarige leeftijd. Als dan blijkt dat de titers hoog genoeg zijn, dan kan vaccinatie tegen Hondenziekte, Parvovirus en Hepatitis (hond) en tegen Kattenziekte (kat) 1 jaar worden uitgesteld, waarna alsnog een vaccinatie dient plaats te vinden of opnieuw een titerbepaling. Dit kan zo jaarlijks herhaald worden, totdat de titer te laag is geworden, waarna alsnog een vaccinatie noodzakelijk is. Als een hond of kat wederom een vaccinatie tegen bovengenoemde ziektes heeft gehad (bijvoorbeeld op 1-jarige leeftijd of later), kan volstaan worden met het eenmaal per 3 jaar titeren als alternatief voor de driejaarlijkse vaccinaties. Op het moment dat een titer te laag is, dient het dier alsnog te worden gevaccineerd. Voor de hond bestaan er geen gescheiden vaccins voor Hondenziekte en Hepatitis. Dat betekent dat als voor één van deze twee ziektes de titer te laag is, dat dan alsnog een cocktailvaccinatie gegeven moet worden. LET WEL: de vaccinaties tegen Leptospirose (hond) en tegen Niesziekte (kat) blijven jaarlijks altijd noodzakelijk!

Titeren is ook mogelijk bij Dierenkliniek Duurstede. Hebt u hier belangstelling voor, dan zijn we graag bereid u te helpen!

01-12-2017