Beeldvorming

 

Er bestaan verschillende technieken waarmee artsen en dierenartsen zich een beeld kunnen vormen van het inwendige van hun patiënten. De meest bekende zijn de röntgenfoto en de echo. Afhankelijk van de verwachte afwijking zullen we kiezen voor een van de beide technieken. Wij kunnen in de eigen kliniek röntgenologie, echografie, video-otoscopie en laparoscopie toepassen.

RöntgenologieEchografieOverig

Wat kunnen we met een röntgenfoto zichtbaar maken.
Een röntgenfoto kan gemaakt worden doordat er een verschil is in de mate waarin weefsel röntgenstraling doorlaat. Botten houden veel straling tegen en blijven wit op de foto. Lucht laat veel straling door, waardoor een groot deel van normale longen zwart op de foto zal staan.
Bij beoordeling van gewrichten en botten blijft de röntgenfoto de eerste keuze en ook de longen laten zich op een foto goed beoordelen.
Op zo´n foto is echter van het hart alleen de uitwendige schaduw te zien en daarmee hebben we vooral een beeld van de grootte van het hart.
In de buikholte zal de ene keer een röntgenfoto en de andere keer de echo de meeste informatie geven.
Weke delen zijn meestal moeilijker op de foto te krijgen, maar soms gaat onze voorkeur toch uit naar een röntgenfoto. We kunnen dan soms toch bepaalde delen zichtbaar maken door middel van contrastvloeistof. Dit contrastmiddel kan röntgenstralen tegenhouden. Zoals bijvoorbeeld een slokdarm en maag als we het dier iets laten eten met contrastvloeistof erin.
Soms kiezen we er liever voor om röntgenstraling juist volledig door te laten, dan gebruiken we lucht. Zoals bijvoorbeeld bij een onderzoek van de urineblaas.

Rontgen apparaat

Het beoordelen van een röntgenfoto.
Het maken van een goede röntgenopname is niet eenvoudig. Het vereist veel vakmanschap, ervaring,  goede anatomische kennis, goede apparatuur, goede instellingen van het apparatuur (is bij elk dier en elke opname anders), maar ook een meewerkende patiënt. Het dier moet namelijk wel heel stil liggen. Soms worden ze in bepaalde houdingen gelegd waarbij het dier zoveel angst of pijn heeft, dat het nodig is om een kalmeringsprikje te geven. Daarom is het wel handig uw dier nuchter te houden.
Voordat wij overgaan tot het stellen van een diagnose, beoordelen wij een röntgenfoto altijd eerst op zijn kwaliteit. Zo nu en dan kan het zijn dat we de foto opnieuw moeten maken. Meestal is het ook nodig om van meerdere richtingen foto’s te nemen om een juiste diagnose te kunnen stellen.

image

Officiële HD (heupdysplasie) en ED (elleboogdysplasie) foto’s.
Onze praktijk is bevoegd en voldoet aan de voorwaarden om officiële HD en ED foto’s te maken voor o.a. de fokkerij.
Iedere röntgenfoto moet objectief worden beoordeeld. Daarom moeten alle officiële HD/ED-foto’s onder gelijke omstandigheden gemaakt worden. Om kwalitatief goede opnames te maken is het noodzakelijk tevoren een kalmeringsprikje te geven.
Vervolgens worden de foto’s opgestuurd en door een daarvoor aangestelde commissie beoordeeld.

Digitale röntgenapparaat.
Wij zijn in het bezit van een digitaal röntgenapparaat. Dit heeft veel voordelen. Bijvoorbeeld dat we veel sneller beeld hebben. Verder is de stralingsbelasting van de patiënt en van het personeel een factor 4 lichter dan bij de conventionele methode. De foto’s worden niet meer handmatig ontwikkeld zoals dat in het verleden ging. De chemische ontwikkeling geeft veel chemisch restafval. De röntgenstralen worden opgevangen met Fosforplaten. De beelden worden met een scanner digitaal ingelezen en in de computer opgeslagen.  Nog een groot voordeel: we kunnen met gebruik van de computer de beelden bewerken zoals uitvergroten en lichter of donkerder maken wat ook makkelijk kan zijn bij het diagnosticeren.
Als de patiënt doorgestuurd moet worden, is het ook een voordeel dat wij de beelden dan ook digitaal via email kunnen verzenden.
Alle foto’s die in onze kliniek gemaakt zijn, worden zorgvuldig bewaard in ons systeem. Hierdoor is het mogelijk om foto’s van een eerdere datum te vergelijken met de huidige opname.

Digitale rontgen

Röntgenbeveiliging.
Teveel röntgenstraling is nooit goed. Door het maken van een aantal foto’s bij uw dier zal deze grens echter niet overschreden worden. Voor uw dier is het daarom vrijwel geheel onschadelijk, zelfs als er relatief veel foto’s genomen worden.
Voor de personen die in de ruimte aanwezig zijn geldt veelal een ander verhaal. Röntgenfoto’s worden in onze kliniek regelmatig gemaakt. De dierenarts loopt dus iedere keer opnieuw een dosis straling op. We beperken de gevaren door ervoor te zorgen dat er zo weinig mogelijk mensen aanwezig zijn in de röntgenruimte. Daarom zullen we u als eigenaar dan meestal buiten de röntgenkamer laten wachten. Iedere persoon die wel in de ruimte aanwezig is, wordt beschermd in de vorm van loodschorten en loodhandschoenen. Iedere 4 weken wordt door een extern bedrijf de hoeveelheid röntgenstraling gecontroleerd middels een dosimeter die wij op het loodschort dragen. Zo wordt bijgehouden hoe hoog de stralingsbelasting is geweest van de desbetreffende persoon.

 

Hoe een echo werkt.
De echo maakt een doorsnede van de organen. Het werkt met ultrasone geluidsgolven die na terugkaatsing door weefsel weer worden opgevangen door de zogenaamde transducer en het beeld vormen. Hier is tussen de verschillende weefsels een verschil in de mate van terugkaatsing van de golven.
Door de transducer verschillende richtingen te laten scannen, krijgen we een driedimensionaal beeld. Hierdoor kan de vorm, structuur en ook de grootte beoordeeld worden.

Wat kunnen we met een echo zichtbaar maken.
We kunnen de buikorganen beoordelen zoals de blaas, lever, milt, darmen en nieren. Ook maken wij echo’s ten behoeve van drachtigheid.
Met een echo van het hart maak je onderscheid tussen de hartspier en de verschillende holtes. Zo krijgt de dierenarts een goed beeld van de dikte van de wand van het hart en van het functioneren van de hartkleppen.
Ook kunnen wij onder echobegeleiding gericht biopten nemen van bepaalde organen of inwendige tumoren. Hierbij zuigen wij wat weefsel of vocht op dat vervolgens onderzocht kan worden. Ook is het vaak mogelijk echte weefselbiopten te nemen uit bijvoorbeeld de lever.

Wat u kunt verwachten.
Bij de echo is er geen enkel bezwaar tegen als er meerdere mensen toekijken. Het is niet pijnlijk voor het dier en daarom kan de echo meestal bij een wakker dier gemaakt worden. Wel moet het dier een tijdje stil op de rug blijven liggen. Mocht de patiënt toch te angstig zijn of te onrustig, dan kunnen we kiezen voor een kalmerend prikje.
Het dier zal eerst geschoren worden omdat echogolven niet door lucht heen kunnen die eventueel tussen de haren is blijven zitten. Daarna wordt het gebied ingesmeerd met echogel waarna er gestart kan worden met het onderzoek.

Echo apparaat

 

Twee andere mogelijkheden van beeldvorming die bij Dierenkliniek Duurstede mogelijk zijn, zijn de video-otoscopie en de laparoscopie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van optieken (kijkinstrumenten) om het inwendige van het lichaam te kunnen bekijken. Bovendien kunnen we gebruik maken van werkinstrumenten om bijvoorbeeld eierstokjes te verwijderen bij de laparoscopie of om een grasaartje uit het diepste deel van de gehoorgang te verwijderen.

 

Nog twee andere mogelijkheden voor beeldvorming: CT en MRI zijn inmiddels ook voor dieren beschikbaar. Enkele specialistische centra beschikken inmiddels over één van deze of beide mogelijkheden van beeldvoming.

CT (Computer Tomografie) is gebaseerd op hetzelfde principe als de röntgenfoto. Maar nu wordt er als het ware een doorlopend beeld wordt gemaakt van allemaal kleine plakjes. In de computer kan dan een reconstructie van al die beelden worden gemaakt, waardoor van veel meer kanten en veel gedetailleerder het beeld beoordeeld kan worden dan met een gewone röntgenfoto.

MRI (Magnetic Resonance Imaging) is een techniek waarbij met behulp van een magneet gedetailleerde plaatjes gemaakt kunnen worden van verschillende delen van het lichaam. Hiermee kunnen soms afwijkingen worden vastgesteld, die op een andere manier niet in beeld te brengen zijn. Ook hierbij wordt het uiteindelijke beeld in de computer gevormd. Een voordeel ten opzichte van de CT is dat er geen gebruik gemaakt wordt van gevaarlijke straling.

Met zowel CT als MRI is het mogelijk een gedetailleerd beeld te krijgen van gebieden die met röntgenfoto en echo niet te beoordelen zijn, zoals de hersenen en het ruggenmerg. In allerlei andere weefsels kan ook een beter onderscheid gemaakt worden tussen een normale en een afwijkende structuur en de locatie en omvang van afwijkingen.
Uiteraard wordt er met kostbare apparatuur gewerkt en de kosten van een onderzoek liggen al gauw rond de 700 euro. Zolang we voldoende hebben aan een röntgenfoto of een echo zullen we dan ook proberen met deze mogelijkheden een diagnose te stellen.

Een minder gebruikte vorm van beeldvorming is de Scintigrafie. Hierbij wordt een radio-actief middel ingespoten en vervolgens wordt er enige tijd later een opname gemaakt om te zien waar het radio-actieve middel zich heeft opgehoopt. Deze vorm van onderzoek wordt gebruikt voor schildklieronderzoek of voor het opsporen van botaandoeningen. Scintigrafie bij dieren wordt in Nederland slechts in enkele zeer gespecialiseerde centra uitgevoerd.