Nieuwsbrief Oktober

Diarree bij melkvee
De Gezondheidsdienst voor Dieren maakt melding van veel klachten over ziekte-uitbraken op melkveebedrijven waarbij veel koeien productiedaling vertonen (gemiddeld 12 %), diarree hebben en koorts (tot boven de 40 graden Celsius). Een enkele keer wordt daarbij een kalf geaborteerd.
De ziekteduur is gemiddeld een week en de koeien herstellen weer spontaan. De uitbraken vinden door het hele land plaats. De ziekteverwekker is nog niet aangetoond.
De Gezondheidsdienst adviseert veehouders om dit soort uitbraken te melden bij de dierenarts, die vervolgens contact op zal nemen met de GD. Gezamenlijk proberen we de oorzaak te achterhalen.

Melkziekte en het Downersyndroom Melkziekte komt nog steeds veel voor. Als minder dan 10 % van de 3e kalfs- en oudere koeien melkziekte krijgt rondom het afkalven, dan wordt dat min of meer als normaal beschouwd. Ligt het percentage hoger, dan is er sprake van een structureel probleem dat opgelost dient te worden.
Melkziekte wordt veroorzaakt door een te laag Calciumgehalte in het bloed. De meeste veehouders behandelen de koe zelf door middel van een Calcium-Magnesium infuus, gevolgd door orale toediening van een Calciumpreparaat. In het gunstigste geval herstelt de koe snel; het dier kan vrijwel direct weer staan en gaat gelijk weer eten.
Echter steeds vaker gebeurt het dat, hoewel de koe wel wat opknapt, toch niet in de benen kan komen. Er wordt dan gesproken over het Downersyndroom. Meestal wordt dat veroorzaakt door een te laag Fosforgehalte in het bloed. Fosfor wordt, evenals Calcium, uit de botten vrijgemaakt onder invloed van het Paraathormoon. Dit hormoon wordt bij Melkziekte te weinig aangemaakt. Door het verhoogde gebruik van Calcium en Fosfor door het snel groeiende kalf en door de aanmaak van melk door het uier, ontstaat er dan een te laag gehalte van deze twee stoffen.
Of er daadwerkelijk sprake is van een te laag Fosforgehalte in het bloed, is eenvoudig door de dierenarts te onderzoeken. Een te laag Fosforgehalte in het bloed kan door de dierenarts behandeld worden door middel van een injectie direct in de melkader en daarnaast door middel van toediening van de P-Pill; een bolus die een grote hoeveelheid Fosfor bevat.
Een behandeling van een Downer dient , om de succeskansen te vergroten, snel te gebeuren, omdat er anders al teveel spierschade is opgetreden. Daarom adviseren wij veehouders om, indien een koe na een melkziektebehandeling niet binnen een uur in de benen is gekomen, om ons te bellen.

Kunstgalerie Artoptions aan de Amerongerwetering 13 exposeert schilderijen over runderen!
In de maand oktober kunt u de kunstgalerie Artoptions bezoeken. Daar hangen dan prachtige schilderijen van koeien in onze vaderlandse omgeving. Voor nadere informatie: bezoek www.artoptions.nl.

Koppelbehandeling van varkens via het voer
Bij bacteriële infecties die een heel koppel betroffen, werd vaak een antibioticum verstrekt aan een hele afdeling of een hele koppel dieren. Dit gebeurde dan vaak via het voer of via het drinkwater. Een belangrijk nadeel van deze methode is, dat erg zieke dieren nauwelijks eten of drinken. Daarom moeten deze individueel per injectie behandeld worden.
Een ander belangrijk nadeel van toediening via het voer of via het drinkwater aan grote aantallen dieren is het feit dat een complete darmflora wordt blootgesteld aan het antibioticum. Er vindt dan ongetwijfeld een sterke selectie plaats van resistente kiemen en zo ontstaat de beruchte antibioticumresistentie. Vandaar dat we erg terughoudend moeten zijn in het voorschrijven van antibiotica via voer of drinkwater.
Bij een griepuitbraak bijvoorbeeld werden vroeger altijd antibiotica gegeven. Tegenwoordig schrijven de meeste dierenartsen echter alleen middelen als aspirine voor om de koorts wat te drukken en daarmee de voer- en wateropname redelijk op peil te houden.
Ernstig zieke dieren (met een longontsteking) kunnen dan individueel met antibioticum-injecties behandeld worden. Ook bij een uitbraak van Actinobacillus Pleuropneumoniae (de verwekker van "eenzijdige longontsteking") worden alleen de zieke dieren per injectie (dan vaak tegelijkertijd ook de hokgenoten) met antibiotica behandeld.
Een bijkomend voordeel van deze methode van behandelen van Eenzijdige Longontsteking is het feit dat er op deze wijze weerstand wordt opgebouwd tegen de bacterie zodat het probleem zich oplost in plaats van dat het steeds verder naar voren wordt geschoven.

Koliek bij paarden
Koliek komt veel voor bij paarden en pony's. Koliek wil niets anders zeggen dan: buikpijn. Verschijnselen kunnen variëren van onrust, met hoeven in de grond krabben, omkijken naar de buik, flehmen (het optrekken van de bovenlip) tot steeds gaan liggen of zelfs alsmaar gaan liggen rollen. Bij ernstige koliek kunnen paarden ernstig gaan zweten.
Koliek bij paarden is gevreesd bij paardeneigenaren, want de oorzaak kan soms ernstig zijn en menig paard met koliek komt te overlijden.
De meest voorkomende oorzaak van koliek is krampkoliek. De darmen trekken in dat geval wat krampachtig samen en dat geeft een onaangenaam gevoel. De vermoedelijke oorzaken van krampkoliek kunnen zijn: stress, plotselinge voedingsveranderingen, het drinken van koud water, etc. Deze vorm van koliek is meestal tijdelijk en kan eventueel snel verholpen worden door een injectie die de dierenarts kan toedienen.
Een andere veel voorkomende vorm van koliek is obstipatiekoliek. In dat geval is er sprake van een verstopping van de dikke darm. Dit wordt meestal veroorzaakt door het eten van veel stro of ander grof ruwvoer. Door het toedienen van laxantia lukt het meestal om de verstopping weg te krijgen.
Een andere nogal eens voorkomende vorm van koliek is zandkoliek. Dit zien we nogal eens optreden bij pony's en soms bij paarden die grazen op weiden op zandgronden. Vooral als het gras schaars wordt in de loop van de zomer en als de pony's dan niet worden bijgevoerd, dan trekken ze alle jonge grassprietjes met wortel en al uit de grond en eten die, met het aanhangende zand op. Door het hoge soortelijk gewicht van zandkorrels, zakken die naar de bodem van de dikke darm en daar kan aldus een hele zandbank ontstaan, die aanleiding geeft tot prikkeling van het darmslijmvlies en tevens kan door tractie aan de darmscheil (de ophangband van de darm) dan koliek optreden. Zandkoliek is vaak lastig te verhelpen. Langdurig laxerend voeren (met bijvoorbeeld lijnzaad of lijnzaadslijm dat verkregen kan worden door lijnzaad te koken) kan helpen om het zand eruit te krijgen. Lijnzaad dient droog te worden bewaard!

maandbrieven

Terug naar Landbouwhuisdieren