Nieuwsbrief maart 2016

Mededelingen
Dierenarts Hans Sickmann is afwezig van zaterdag 5 maart tot en met zondag 13 maart.
Dierenarts Monique van Paassen is wel normaal aanwezig en op woensdag en vrijdag worden de spreekuren gehouden door een waarnemend dierenarts. 
U kunt dus, zoals altijd, gewoon terecht op de dierenkliniek.

Hoe wilt u uw factuur van ons ontvangen?
Vanouds sturen wij facturen per post. Het is voor u nu ook mogelijk om de facturen per email te ontvangen. Wellicht hebt u uw wens al doorgegeven. Zo niet, dan ontvangt u uw facturen per post. 
Wilt u uw facturen toch liever per email ontvangen? Laat het ons dan even weten! 
De entingsoproepen kunnen wij helaas nog steeds niet geautomatiseerd per email versturen. Onze software-leverancier is nog steeds bezig om dit mogelijk te maken…..

Dierenkliniek Duurstede kan u ook thuis bezoeken!
De dierenartsen van Dierenkliniek Duurstede leggen ook huisvisites af. Dat kan voor mensen die minder mobiel zijn erg prettig zijn. Of als het huisdier te groot is om op onze dierenkliniek behandeld te worden, zoals een paard of een schaap, dan kan een huisvisite noodzakelijk zijn. 
Indien u voor 10.00 uur een afspraak maakt voor een huisvisite, dan kan de dierenarts diezelfde dag nog komen. Voor spoedgevallen is er bijna altijd een dierenarts direct beschikbaar!

Wist u dat?
Wist u dat, als u uw hond, kat of konijn netjes jaarlijks bij Dierenkliniek Duurstede door de dierenarts laat controleren en vaccineren, dat u dan recht hebt op Goede Zorg Korting als u buiten de normale openingstijden hulp vraagt bij Dierenkliniek Duurstede? Dat scheelt aanzienlijk in de kosten! 
En wist u dat u, als u telefonisch contact zoekt met Dierenkliniek Duurstede buiten de normale openingstijden, altijd direct de dierenarts aan de telefoon krijgt?!

Doodsoorzaak nummer één voor eekhoorns: Toxoplasmose
De DWHC (Dutch Wildlife Health Centre) heeft veel dood gevonden eekhoorns onderzocht en vastgesteld dat in de helft van de gevallen de doodsoorzaak Toxoplasmose is geweest. Deze parasiet is ook gevaarlijk voor mensen en dan vooral voor de ongeboren baby. 
De eindgastheer voor Toxoplasmose is onze huiskat. Deze heeft de parasiet in het darmstelsel zitten en daar worden eitjes geproduceerd die met de ontlasting in het milieu terecht komen en daar jarenlang kunnen blijven liggen en besmettelijk blijven. Dieren (of mensen) die dan, bijvoorbeeld door het opeten van geraapte noten, de eitjes binnen krijgen, kunnen dan besmet worden. 
Katten scheiden maar gedurende een korte periode (enkele weken) in hun leven Toxoplasma-eitjes uit, maar dan wel in zeer grote aantallen. Ook runderen en schapen krijgen vaak eitjes binnen. Er vormen zich dan minuscule haardjes in hun spieren, die ook weer Toxoplasma-parasieten bevatten. Als mensen later het vlees van die dieren rauw of onvoldoende verhit opeten, dan kunnen zij zich ook weer besmetten. 
Meestal leidt dat niet tot problemen, omdat een gezond mens een goede afweer heeft tegen deze parasiet. Alleen voor ongeboren baby’s kan Toxoplasmose dus erg gevaarlijk zijn, vooral als de aanstaande moeder voor het eerst deze Toxoplasma-parasiet binnen krijgt. Eekhoorns blijken dus een minder goede afweer te hebben tegen Toxoplasmose en sterven er veel aan. 
Uit eerder onderzoek was ook al gebleken dat vooral patrijzen erg gevoelig zijn voor deze parasiet. Patrijzen kwamen vroeger veelvuldig voor in Nederland, maar zijn nu vrijwel verdwenen, deels door Toxoplasmose, maar waarschijnlijk nog meer door de intensivering van de landbouw en de veeteelt. 
Katten in de natuur worden door velen dan ook als een groot probleem gezien. Alleen verwilderde katten mogen in sommige provincies door jagers bestreden worden, maar het onderscheid tussen een verwilderde en een huiskat is niet altijd eenvoudig te maken en de meeste jagers schieten dan ook geen katten af. 
Vrijwilligers van de Dierenbescherming plaatsen vaak kattenvangkooien en laten de gevangen katten dan door een dierenarts castreren. Dat helpt in ieder geval mee om ongebreidelde voortplanting van katten te voorkomen en helpt bovendien mee aan de verspreiding van allerlei kattenziektes, zoals katten-aids.

Vossenlintworm vastgesteld in de Flevopolder
Recent is er bij een wasbeerhond Vossenlintworm (Echinococcus multilocularis) vastgesteld. Wasbeerhonden komen van nature niet in Nederland voor, maar verschillende exemplaren zijn vanuit Duitsland ons land binnen gedrongen. 
De vaststelling van Vossenlintworm in de Flevopolder betekent dat deze parasiet geleidelijk ook ons land begint te besmetten. Eerder was hij al vastgesteld in Oost-Groningen en in Zuid-Limburg. 
Deze worm is gevreesd, omdat die aanleiding kan geven tot de vorming van lintwormblazen (met vocht gevulde zakjes waarin de koppen van de desbetreffende lintworm zitten) die geleidelijk kunnen groeien en weer dochterblazen kunnen vormen.
Deze blazen kunnen ontstaan in de buikholte, de lever, maar ook in de hersenen, niet alleen bij tussengastheren zoals muizen, schapen, runderen en muskusratten, maar ook bij mensen. 
Deze kunnen zich besmetten door opname van microscopisch kleine eitjes die met de ontlasting van vossen (of honden, wasbeerhonden etc.) in het milieu zijn gekomen. Het eten van in de natuur geplukte rauwe vruchten (bosbessen, bramen e.d.) kan dus erg riskant zijn, vooral in gebieden waar veel vossen leven. 
De behandeling van patiënten met Vossenlintwormblazen is erg lastig en vaak zelfs onmogelijk en uiteindelijk is de ziekte dodelijk. De incubatieperiode (tijd tussen besmetting en openbaring van de ziekte) is lang; 5 à 15 jaar!
Ons advies om de verspreiding van Vossenlintworm zoveel mogelijk tegen te gaan, is om honden en katten iedere 3 maanden te ontwormen met een middel dat niet alleen spoelwormen doodt, maar ook lintwormen! 
Onze assistentes kunnen u helpen!

Sterilisatie van de teef
Bij de sterilisatie van de teef worden tegenwoordig alleen de eierstokjes verwijderd. Dat kan nu ook met een kijkoperatie, ook bij Dierenkliniek Duurstede. 
De ingreep gebeurt onder algehele narcose en om het ongerief voor de teef zo klein mogelijk te houden, wordt altijd een goede pijnbestrijding gegeven. Zoals tijdens iedere operatie, kunnen er zich complicaties voordoen. 
Deze complicaties kunnen een gevolg zijn van handelingen van de chirurg of van de anaesthesist, of door defecte narcose-apparatuur, maar ook door de patiënt zelf. 
Het is daarom belangrijk dat er snel kan worden ingegrepen om de complicaties het hoofd te bieden. Ten eerste is het belangrijk om een eventuele complicatie tijdig te signaleren. 
Daarvoor maken wij gebruik van bewakingsapparatuur. Deze controleert de hartactiviteit (ECG) de ademhaling (met de capnograaf), het zuurstofgehalte in het bloed (pulsoximetrie) en de bloeddruk. Verder wordt er voorafgaande de operatie een infuuscatheter ingebracht. Indien noodzakelijk kan er dan snel een infuus worden aangesloten. Bij zieke patiënten gebeurt dat al uit voorzorg. In de operatiekamer ligt een noodsetje dat we kunnen gebruiken bij complicaties zoals een hartstilstand. Bij een ademstilstand kunnen we de ademhaling van de patiënt overnemen. Bij plotselinge bloeddrukdaling kan er snel een infuus gegeven worden. 
Zo omgeven wij uw hond met de zorg die ze nodig heeft. Zodat uw hond weer snel vrolijk thuis kan spelen!