Nieuwsbrief januari 2017

De medewerkers van Dierenkliniek Duurstede wensen u een voorspoedig Nieuwjaar!

Even voorstellen:
Aniek Hofman is net voor de kerstdagen haar 8-weekse stage bij onze dierenkliniek begonnen. Zij loopt deze stage ter afronding van haar studie Diergeneeskunde. Het kan dus zijn dat u door haar geholpen gaat worden, maar natuurlijk altijd onder supervisie van een ervaren dierenarts!

Konijn als huisdier steeds populairder
Steeds meer mensen houden konijnen als huisdier. De aanschafkosten zijn gering en ze kunnen heel goed gesocialiseerd worden. Het is verstandig om minstens twee konijnen gelijktijdig te houden, want konijnen zijn echte groepsdieren. Ze hebben een deel van de dag ook veel ruimte nodig om te kunnen rennen en te spelen.   Dat kan gewoon in de woonkamer of buiten in een buitenren. Het is wel verstandig om de buitenren van boven met gaas dicht te maken, om te voorkomen dat roofdieren als havik, vos of marter uw konijn  kunnen bemachtigen. Een konijn is ook goed zindelijk te maken. Als je niet van plan bent om te fokken met je konijn(en) dan is het verstandig om ze te laten castreren.  Anders kunnen de hormonen de konijnen opjagen tot ware monsters! Bovendien hebben vrouwelijke konijnen die niet gecastreerd zijn een behoorlijke kans op het krijgen van baarmoederkanker.
Een goede voeding is belangrijk. Zie hiervoor onze website bij Diereninformatie: konijnen en hun voeding. Of bezoek de website www.licg.nl.
Er zijn ook enkele infectieziekten die konijnen bedreigen. Myxomatose  en Viraal haemorrhagisch Syndroom (VHS) zijn de twee meest bekende konijnenziektes. Die zijn goed te voorkomen door vaccinatie. Zonder vaccinatie blijven de konijnen vatbaar en zullen vrijwel altijd sterven aan deze ziekte als ze die oplopen.  Voor vaccinatie kunt u gewoon tijdens ons inloopspreekuur terecht.

Baarmoederontsteking bij de teef: levensbedreigend!
Nog regelmatig worden wij geconfronteerd met teven met baarmoederontsteking. Deze aandoening ontstaat door veranderingen in het baarmoederslijmvlies. Deze veranderingen ontstaan als gevolg van  de geslachtshormonen die tijdens  en direct na de loopsheid door de eierstokken worden afgegeven. Ook injecties die gegeven worden ter voorkoming van de loopsheid kunnen deze veranderingen induceren.  De verandering  in het baarmoederslijmvliezen noemt men “Cysteuze endometriumhyperplasie”. Dat wil zeggen dat het verdikt raakt met cystes er in. Cystes zijn kleine of grote holtes gevuld met vocht. Als er dan een bacterie zich nestelt in dit veranderde baarmoederslijmvlies, dan ontstaat er een levensbedreigende baarmoederontsteking. Deze kan in korte tijd ontstaan en de teef doodziek maken. De enige remedie is het operatief verwijderen van de met pus gevulde baarmoeder. Maar soms is de teef dermate ziek, dat ze de operatie niet overleeft. Er is een bekend gezegde: Voorkomen is beter dan genezen!  En dat geldt zeker in dit geval. Als u niet van plan bent om (nog) met uw teef te fokken, dan is het verstandig om haar te laten steriliseren. Het verwijderen van de eierstokjes is niet meer zo een zware ingreep als vroeger, zeker als u dat via een kijkoperatie laat uitvoeren. En er zijn nog meer voordelen van een sterilisatie: u hebt geen last meer van het halfjaarlijkse bloedverlies tijdens de loopsheden, uw teef(je) kan niet meer ongewenst gedekt worden, ze zal niet (meer) schijndrachtig worden, de kans op Acromegalie (reuzengroei van de lichaamsuiteinden) en op Suikerziekte neemt aanzienlijk af en als de sterilisatie op jonge leeftijd wordt uitgevoerd,  wordt de kans op melkklierkanker aanzienlijk kleiner.
De sterilisatie kan al op jonge leeftijd (half jaar) uitgevoerd worden, maar het is ook heel goed mogelijk om het 3 a 4 maanden na de (liefst eerste)  loopsheid  te laten doen.

Bureau Diergeneesmiddelen
Dit bureau, dat een overheidsinstelling is, verzamelt alle bijwerkingen van diergeneesmiddelen die gemeld worden door dierenartsen. Afhankelijk van de frequentie van een melding en de ernst ervan onderneemt dit bureau vervolgens actie. In eerste instantie kan besloten worden om te (laten) onderzoeken of een gemelde vermeende bijwerking inderdaad een gevolg is van de toepassing van het diergeneesmiddel. Indien dat dan zo is, of als dat zeer aannemelijk is, dan kan de producent opdracht gegeven worden om de bijsluiter aan te passen, zodat eigenaren van dieren en dierenartsen op de hoogte zijn van deze bijwerking. Maar in uitzonderlijke gevallen kan het bureau ook besluiten om de producent verdere verkoop te verbieden en zelfs verplichten tot een terughaalactie. Dit is ooit wel eens gebeurd toen een vaccin ter voorkoming van IBR (Koeiengriep) besmet bleek met een virus dat andere problemen veroorzaakte.
Het bureau Diergeneesmiddelen is dus een belangrijke instantie die de vinger aan de pols houdt wat betreft de veiligheid van de door ons toegepaste diergeneesmiddelen.

Het Bloed” en “Zomerlongonsteking” bij schapen
Deze twee ziektes komen nog steeds regelmatig voor bij vooral lammeren. Ze verlopen dermate heftig dat deze dieren meestal snel komen te overlijden. Eerstgenoemde wordt veroorzaakt door een algemeen in de darm voorkomende bacterie Clostridium Perfringens. Deze bacterie kan onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld het verstrekken van een grote hoeveelheid krachtvoer) zich explosief vermeerderen. Het produceert dan grote hoeveelheden toxines (gifstoffen) die het dier in korte tijd ten gronde richten. Dat betreft dan meestal de beste lammeren. Zomerlongonsteking wordt veroorzaakt door de bacterie Pasteurella Multocida. Ook deze longontsteking verloopt zeer snel en meestal dodelijk. Beide ziektes zijn goed te voorkomen door middel van een vaccinatie. Er bestaat een combinatievaccin hiertegen. Vaccinatie van eenwinters dient tweemaal te gebeuren met 6 weken tussentijd. De tweede vaccinatie minstens 2 weken voor de verwachte lammerdatum. Vervolgens dienen de ooien jaarlijks te worden gehervaccineerd, liefst tussen de 2 en 6 weken voor de verwachte lammerdatum. De lammeren die dan geboren worden krijgen dan veel afweerstoffen tegen deze twee ziektes mee via de biest. Ze zijn dan de eerst 3 levensmaanden beschermd.
Eventueel kunnen ze dan zelf ook nog worden gevaccineerd tegen deze ziektes.  Ook voor Het Bloed en voor Zomerlongontsteking geldt: Voorkomen is beter dan genezen! Schapenhouders: overleg met uw dierenarts wat de beste aanpak is voor uw situatie!

Luizen bij paarden
Ook bij paarden worden wel eens luizen aangetroffen. We kennen bijtende en bloedzuigende luizen. Laatstgenoemde hebben een lange snuit waarmee ze de huid kunnen doorboren om de bloedvaatjes te bereiken. De luizen zijn met het blote oog zichtbaar als kleine beestjes en je kunt ze vooral vinden tussen de haren van de manen en daar omheen. Ze geven vooral jeuk en een mottige vacht. Ze produceren eieren die vastkleven aan de haren.  Deze eitjes noemen we neten. Er bestaan bestrijdingsmiddelen die de luizen goed doden. Het is daarbij belangrijk dat het gebruikte middel langer werkt dan een generatie duurt van de luizen (circa 2 weken). Of anders dat het middel herhaald wordt toegepast om de net uit de neten kruipende jonge luizen direct af te doden.  Ook dekens dienen goed te worden gewassen om herbesmetting te voorkomen.