Kattengedrag

Territoriaal gedrag
Iedere kat markeert zijn territorium. De markeringen vormen een signaal voor andere katten. In een omgeving waarin een kat markeringen heeft aangebracht voelt hij zich veilig.

Het markeren kan op drie verschillende manieren:
Vooral bij de niet gecastreerde kater is urine sproeien een duidelijke manier van markeren, de urine van een ‘echte’ kater heeft ook voor de mens een sterk doordringende geur.
Maar ook poezen en gecastreerde dieren kunnen het sproeien van urine gebruiken om hun territorium te markeren.
Bij het kopjes geven wrijft de kat met wangen en kop langs allerlei plaatsen en zet daarbij met bepaalde stoffen geurvlaggen af.
Met kopjes geven laat een kat zien dat hij zich op z’n gemak voelt.
Ook de mens kan het doel van deze geurvlaggen zijn, kopjes geven is voor uw kat een mogelijkheid om duidelijk te maken dat u als eigenaar bij hem of haar hoort.
Nagels scherpen heeft niet alleen de verzorging en het scherp houden van de nagels als doel, maar tijdens het krabben komen er ook geurstoffen van de voetzolen vrij, die worden achtergelaten op de objecten waar de kat op krabt.

De geurstoffen waar het om gaat zijn “feromonen”, die dienst doen als een soort communicatie middel tussen dieren onderling.
Voor de mens is de geur van deze stoffen niet waarneembaar.

Ongewenst kattengedrag
Onder stress, als katten zich onzeker voelen, angstig of “depressief” zijn, kan een kat de behoefte hebben het eigen territorium extra te markeren.
Dit extra markeren kan leiden tot ongewenst gedrag in de vorm van onzindelijkheid of het krabben aan andere objecten dan de krabpaal.

Aanleiding voor stress zijn bijvoorbeeld:
verhuizing of verbouwing,
bezoek aan de dierenarts (vooral opname),
veranderingen in de huiselijke situatie of in de gezinssamenstelling, een nieuwe dierlijke huisgenoot, overbevolking. Of als er een indringer in de tuin (of nog erger: in huis) is of is geweest.

Bij te veel dieren op een te klein oppervlak zal een kat zijn eigen territorium te klein vinden en om die reden extra de neiging hebben het gebied te markeren. Hetzelfde kan het geval zijn als dat eigen territorium wordt bedreigd door (de geur van) buurkatten.

Uiteraard is het bij onzindelijkheid van belang andere oorzaken (bijvoorbeeld een blaasontsteking) uit te sluiten.
Zie voor meer informatie de pagina onzindelijkheid bij katten.

“Feliway”
Feliway is een product dat stoffen bevat, die overeenkomen overeen met de natuurlijke gezichtsferomonen die bij het kopjes geven worden afgegeven en die een geruststellend effect op katten hebben.
Dit heeft een gunstig resultaat bij katten die erg angstig zijn en het heeft invloed op ongewenst gedrag dat het gevolg is van stress.

Al langer bestaat Feliway als spuitbusje waarmee de stof op de plekken gespoten kan worden die uitnodigen tot ongewenst plas- of krabgedrag.
Door het bespuiten van een vervoersmandje wordt de angst van een kat voor het vervoeren verminderd.
Er is ook een verdamper van Feliway beschikbaar.
1 verdamper is voldoende voor 1 maand en een oppervlak van 50-70 m2 vloer.
Bij urinesproeien en krabben wordt de verdamper in de ruimte geplaatst waar de kat markeert.
Bij angst, gebrek aan eetlust, neerslachtigheid, geen zin in spelen en sociale contacten wordt de verdamper geplaatst in de ruimte waar de kat het meest komt.

Een prooi naar huis brengen
Voor veel mensen is dit ook ongewenst gedrag. Het is een kat echter moeilijk af te leren, want het behoort tot het normale gedragspatroon.
Het jachtgedrag van een kat heeft weinig te maken met de behoefte aan voedsel. Binnenshuis kan een kat langdurig bezig zijn met de jacht op een speelgoedmuis of een propje papier.
Als er buiten gejaagd kan worden op iets dat uit zichzelf beweegt dan zal poes het niet kunnen laten om te proberen die prooi te vangen.
Een goed doorvoedde kat zal een gevangen muis of vogeltje niet meteen opeten. Wat is dan een betere bestemming dan de prooi thuis te brengen en aan te bieden aan iemand die misschien wel honger heeft?

01-03-2017